pagina >> Aardgas
AARDGAS
Een kopje thee, een douche, een gekookt eitje, een warm huis: voor alles is warm water nodig. Je kookt water op een gasstel en je hebt een geiser of boiler om water voor de centrale verwarming en de kranen op te warmen. Daarvoor hebben we aardgas nodig. Vroeger waren hout, turf en steenkool onze belangrijkste energiebron. Nu is in Nederland bijna elk huis aangesloten op aardgas. Dat vinden wij heel gewoon, maar wist je dat dat in geen enkel ander land in de wereld zo is?

Het gas wordt met putten uit de grond gehaald. Joep en Nikky halen 1 miljoen kubieke meter uit de bodem. Dat is genoeg om 500 huizen een jaar lang te voorzien van gas. Per dag wordt er in heel Nederland 500 miljoen kuub aardgas gebruikt, als het tenminste een koude winterdag is. Het gas zit soms wel 4 kilometer onder de grond. Maar gas wil altijd naar boven. Dus als er eenmaal met een boortoren een gat is geboord, komt het gas vanzelf naar de oppervlakte. Het hoeft dan alleen maar te worden opgevangen in speciale vaten.

Dat gebeurt allemaal op de aardgaslocaties. Computers zorgen ervoor dat de goede hoeveelheid gas naar boven komt. Dat is zomers bijvoorbeeld veel minder dan in de winter, omdat we dan de verwarming niet aan hoeven te doen.

De geschiedenis van aardgas (en ook van aardolie) begint meer dan honderd miljoen jaar geleden. Een laag van resten van hele kleine gestorven plantjes en diertjes werd toen bedekt door zand, grind en klei. Doordat de verschillende lagen van de aarde erg in beweging waren, kwam de laag met de resten dieper en dieper in de aarde te liggen. Er kwamen steeds meer lagen op, zoals een dikke laag zout van verdampte zeeën. Al die lagen drukten zwaar op de laag met de resten van plantjes en diertjes, en door die druk veranderde die laag. Dat ging heel langzaam; pas na miljoenen jaren was de laag met rottende restjes veranderd in steenkool. In die steenkoollaag ontstond door een hele hoge druk en een hoge temperatuur aardgas.
Veel mensen denken dat aardgas in een bel onder de grond zit. Dat is niet zo: aardgas zit in een harde aardlaag op een diepte van 3 tot 4 kilometer. Die aardlaag bestaat uit zandsteen, dat zijn korreltjes zand waar wat ruimte tussen zit. En in die ruimte zit soms aardgas. We noemen de aardlaag dan een gasveld.

Nikky en Joep moeten speciale kleding aan, bijvoorbeeld brandwerende overalls en helmen. Dat is niet voor niets natuurlijk, want gas is heel brandbaar en er kan dus snel een explosie ontstaan. De mensen die bij de NAM werken, weten precies wat ze moeten doen als er iets gebeurt. Er wordt ook vaak geoefend om te kijken of iedereen zijn taak nog kent. Dat is een geruststellend idee.
Het aardgas voor de Nederlandse huizen komt niet alleen uit Groningen. Onder de bodem van de Noordzee zitten ook enorme gasvelden. Via buizen onder de grond komt dit naar het vasteland. Niet iedereen is even blij met het halen van gas uit de bodem. Er is vooral veel discussie over het winnen van gas onder de Waddenzee. Tegenstanders zijn bang dat de gasboringen ten koste gaan van de natuur en dat de bodem zal dalen. Maar de NAM vindt dat het gas nodig is om ook in de toekomst genoeg te hebben voor iedereen. Er is nu nog voor ongeveer 50 jaar gas in Nederland, dat is dus niet zo heel veel meer. Daarom blijft de NAM zoeken naar nieuwe velden. Maar we gebruiken ook steeds meer andere energiebronnen als zonne- en windenergie.
Een kopje thee, een douche, een gekookt eitje, een warm huis: voor alles is warm water nodig. Je kookt water op een gasstel en je hebt een geiser of boiler om water voor de centrale verwarming en de kranen op te warmen. Daarvoor hebben we aardgas nodig. Vroeger waren hout, turf en steenkool onze belangrijkste energiebron. Nu is in Nederland bijna elk huis aangesloten op aardgas. Dat vinden wij heel gewoon, maar wist je dat dat in geen enkel ander land in de wereld zo is?

Het gas wordt met putten uit de grond gehaald. Joep en Nikky halen 1 miljoen kubieke meter uit de bodem. Dat is genoeg om 500 huizen een jaar lang te voorzien van gas. Per dag wordt er in heel Nederland 500 miljoen kuub aardgas gebruikt, als het tenminste een koude winterdag is. Het gas zit soms wel 4 kilometer onder de grond. Maar gas wil altijd naar boven. Dus als er eenmaal met een boortoren een gat is geboord, komt het gas vanzelf naar de oppervlakte. Het hoeft dan alleen maar te worden opgevangen in speciale vaten.
Dat gebeurt allemaal op de aardgaslocaties. Computers zorgen ervoor dat de goede hoeveelheid gas naar boven komt. Dat is zomers bijvoorbeeld veel minder dan in de winter, omdat we dan de verwarming niet aan hoeven te doen.

De geschiedenis van aardgas (en ook van aardolie) begint meer dan honderd miljoen jaar geleden. Een laag van resten van hele kleine gestorven plantjes en diertjes werd toen bedekt door zand, grind en klei. Doordat de verschillende lagen van de aarde erg in beweging waren, kwam de laag met de resten dieper en dieper in de aarde te liggen. Er kwamen steeds meer lagen op, zoals een dikke laag zout van verdampte zeeën. Al die lagen drukten zwaar op de laag met de resten van plantjes en diertjes, en door die druk veranderde die laag. Dat ging heel langzaam; pas na miljoenen jaren was de laag met rottende restjes veranderd in steenkool. In die steenkoollaag ontstond door een hele hoge druk en een hoge temperatuur aardgas.
Veel mensen denken dat aardgas in een bel onder de grond zit. Dat is niet zo: aardgas zit in een harde aardlaag op een diepte van 3 tot 4 kilometer. Die aardlaag bestaat uit zandsteen, dat zijn korreltjes zand waar wat ruimte tussen zit. En in die ruimte zit soms aardgas. We noemen de aardlaag dan een gasveld.
Nikky en Joep moeten speciale kleding aan, bijvoorbeeld brandwerende overalls en helmen. Dat is niet voor niets natuurlijk, want gas is heel brandbaar en er kan dus snel een explosie ontstaan. De mensen die bij de NAM werken, weten precies wat ze moeten doen als er iets gebeurt. Er wordt ook vaak geoefend om te kijken of iedereen zijn taak nog kent. Dat is een geruststellend idee.
Het aardgas voor de Nederlandse huizen komt niet alleen uit Groningen. Onder de bodem van de Noordzee zitten ook enorme gasvelden. Via buizen onder de grond komt dit naar het vasteland. Niet iedereen is even blij met het halen van gas uit de bodem. Er is vooral veel discussie over het winnen van gas onder de Waddenzee. Tegenstanders zijn bang dat de gasboringen ten koste gaan van de natuur en dat de bodem zal dalen. Maar de NAM vindt dat het gas nodig is om ook in de toekomst genoeg te hebben voor iedereen. Er is nu nog voor ongeveer 50 jaar gas in Nederland, dat is dus niet zo heel veel meer. Daarom blijft de NAM zoeken naar nieuwe velden. Maar we gebruiken ook steeds meer andere energiebronnen als zonne- en windenergie.